Purmerend – Als hij ergens voor gáát, dan gaat hij er ook voor.
‘Plezier en eerlijkheid zijn geen hobby’s. Dat is brandstof.’ Henk kan best hard zijn, maar hij is nooit glad. Hij doet niet aan omwegen, niet aan bestuurlijk theater, niet aan eindeloos praten om maar geen beslissing te hoeven nemen. Niet kletsen maar poetsen. Het soort kerel dat liever twee uur dóórwerkt dan tien minuten vergadert over wie straks het verslag schrijft.
Zijn politieke roots liggen bij de vroegere PvdA, de partij die opkwam voor de arbeiders. Daar zit zijn vorming, zijn blik op solidariteit. Mensen laat je niet vallen omdat het dossier ingewikkeld is. In zijn periode bij het AOV werkte hij veelvuldig samen met Pascal Verkroost, tegenwoordig wethouder o.a. gebiedsontwikkeling. Die samenwerking was volgens Henk ‘plezierig en werkbaar’ twee woorden die hij niet snel gebruikt als hij het niet meent.
Zuiverheid
Het leverde hem ook iets anders op: soms bereik je meer via een praktische coalitie dan via ideologische zuiverheid. Hij is óók aan trouw en fatsoen. Doen wat je zegt. Grader is absoluut geen jobhopper. Niet het soort man dat elke twee jaar van club wisselt omdat het handig staat op je LinkedIn-profiel. Als hij een stap zet, dan is dat omdat het móét.
Zijn muzieksmaak past daar eigenlijk precies bij. Henk houdt van de rockband Rammstein, een band die altijd tegen het randje aan schuurt. Henk herkent zich in die energie: strak, fel, geen excuses. Grenzen zijn er om te testen en soms ook om het ‘rotjochie uit te uithangen’. Dat zegt hij dan met een grijns die verraadt dat hij het serieus meent, maar ook dat hij het leven niet zwaarder wil maken dan nodig.
Fender
En dan is er nog iets wat mensen vaak niet verwachten bij zo’n recht-door-zee-type: gitaren. Het merk ‘Fender’ daar slaat hij op aan. Niet om op een podium te staan en applaus te halen, maar omdat het klopt. Mooi spul, goed hout, degelijk materiaal dat je niet hoeft te sparen, maar moet gebruiken. Af en toe pakt hij zo’n ‘Fender’ en speelt hij een eenvoudig deuntje. ‘Niet meer dan mijn vingers soepel houden,’ zegt hij dan. Geen groot verhaal, geen romantiek, maar ondertussen zegt het juist alles. Onderhoud plegen aan je gereedschap, aan je lijf, aan je hoofd.
Brussel? Daar loopt hij niet mee weg. Hij heeft niets met bemoeienis op afstand, met regels die uit kantoren komen van mensen die de straat niet kennen of al naar grondwater stinken. ‘Laat ze eerst maar eens in de regen een stoep herstellen,’ moppert hij. Natuurlijk is dat ongenuanceerd. Maar het is wel Henk Grader ten voeten uit: hij denkt vanuit de praktijk. Vanuit wat werkt. Vanuit de arbeider die zijn handen vies maakt en ’s avonds gewoon wil dat het land logisch bestuurd wordt.
Overkomen
En nu gaat hij naar het CDA. Niet omdat hij ineens van kleur verschiet, maar omdat die overgang hem is overkomen. Alsof het leven hem een duwtje gaf: deze kant op, Henkkie, hier kun je je werk doen. Zijn pragmatisme won het van zijn partijgevoel. De stap is minder een breuk dan een voortzetting: hetzelfde werk, een ander jasje.
Hij had goede contacten met Eberhart van der Laan, oud- en zeer geliefd burgemeester van Amsterdam. Zulke vriendschappen ontstaan niet door visitekaartjes uit te wisselen, maar door elkaar te treffen in de echte praktijk: beslissingen, gevolgen en druk. Ook kon hij het goed vinden met Jan Schaeffer, die later veel te maken kreeg met arbeiderswoningen. Woningbouw is waar politiek en leven elkaar raken. Huizen zijn geen stenen, het zijn levens. Wachtlijsten zijn geen cijfers, het zijn gezinnen.
Duitse boot
In zijn gekozen rustmomenten is Henk liefhebber van snelle auto’s, stoere vaartuigen en techniek met spierballen. En ja, hij heeft dus zo’n loodzware politieboot uit Duitsland. Geen speelgoed. Geen ‘kijk mij eens’. Gewoon: een degelijk brok ijzer met een verhaal.
Henk vaart net als in de grachten van Amsterdam, zijn eigen koers. Niet om te ontsnappen, maar om vooruit te komen. En als hij iemand tegenkomt die alleen maar praat, dan is de kans groot dat hij kort knikt, zijn handen aan het werk zet en denkt: kom, we gaan poetsen.