Nog 5 weken tot aan de verkiezingen van 18 maart 2026

Foto: BrocaMedia.nl

Purmerend – Verkiezingsprogramma’s zijn zelden eerlijk over geld.

Ze grossieren in goede bedoelingen, warme woorden en lange verlanglijstjes, terwijl de financiële onderbouwing ergens in een bijlage verdwijnt of wordt afgedaan met een verwijzing naar “samenwerking” en “efficiëntie”. Het programma Het kan wél – Ook in Purmerend van D66 vormt daarop een interessante uitzondering. Niet omdat het alle antwoorden geeft, maar omdat het de ongemakkelijke vragen niet ontwijkt.

De kern van de financiële haalbaarheid zit niet in extra inkomsten, maar in prioriteiten. D66 erkent openlijk dat Purmerend de komende jaren structureel onder druk staat door rijksbeleid en oplopende kosten. Dat is geen bijzin, maar het vertrekpunt. Het programma belooft dan ook niet dat alles kan. Integendeel: herhaaldelijk wordt gesteld dat keuzes onvermijdelijk zijn. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar in de lokale politiek is het bijna een daad van rebellie.

Minimaregeling

Wat opvalt, is wáár D66 die keuzes wil leggen. Minimaregelingen, onderwijs, sport, cultuur en zorg worden expliciet beschermd. Niet omdat ze populair zijn, maar omdat ze volgens de partij de basis vormen van een leefbare stad. Dat betekent automatisch dat elders ruimte moet worden gevonden. Die ruimte zoekt D66 niet bij inwoners, maar bij de eigen organisatie. Minder externe inhuur, kritisch kijken naar processen, soberder omgaan met ambtelijke groei. Dat is geen spectaculaire maatregel, maar wel een van de weinige knoppen waar een gemeente daadwerkelijk zelf aan kan draaien.

Daarnaast leunt het programma zwaar op het principe van investeren om latere kosten te voorkomen. Preventie in de zorg, vroegsignalering bij schulden, sport en beweging als gezondheidsbeleid: het zijn bekende redeneringen, maar hier consequent doorgetrokken. De gedachte is simpel: wie nu snijdt in preventie, betaalt later dubbel. Dat is geen ideologie, maar ervaring. Gemeenten die de afgelopen jaren te hard bezuinigden op jeugdzorg en welzijn weten hoe duur crisisopvang en noodmaatregelen zijn.

Romantisch

Ook de groei van Purmerend wordt niet romantisch benaderd. Ja, er moeten woningen bij. Maar nee, niet onbeperkt en niet overal. Door de bouw in de Oostflank te matigen en kwetsbaar groen te ontzien, probeert D66 te voorkomen dat woningbouw leidt tot nieuwe financiële problemen op het gebied van infrastructuur, verkeer en voorzieningen. Groei wordt hier niet gezien als doel op zich, maar als middel dat beheersbaar moet blijven. Dat is financieel gezien een verstandige reflex.

Op het punt waar veel kiezers scherp op zijn – belastingen – is het programma opvallend terughoudend. De OZB wordt niet verhoogd, tenzij er echt geen andere uitweg is. De hondenbelasting blijft voorlopig bestaan, maar zonder uitbreiding en met duidelijke doelbinding. Dat is geen populair verhaal, maar wel consistent: eerst besparen en herschikken, pas daarna eventueel de lasten verhogen. Daarmee zet D66 een duidelijke noodrem in het systeem, zonder die nu al in te trappen.

Ten slotte is er de regionale dimensie. Veel ambities worden nadrukkelijk niet alleen lokaal gefinancierd. Door samenwerking binnen de Metropoolregio Amsterdam, Zaanstreek-Waterland en het G40-netwerk probeert de partij schaalvoordeel, kennisdeling en lobbykracht te benutten. Dat is geen garantie op geld, maar wel een realistische strategie in een tijd waarin individuele gemeenten steeds minder zelfstandig kunnen opereren.

Waterdicht

Is dit programma waterdicht? Nee. Geen enkel programma is dat. Maar het is wél eerlijker dan veel andere. Het kan wélbetekent hier niet: alles tegelijk, zonder pijn. Het betekent: kiezen, begrenzen en investeren met het oog op morgen. Dat is misschien minder verleidelijk dan grootse beloften, maar financieel gezien is het precies de houding die Purmerend nu nodig heeft.

Voor het verkiezingsprogramma van D66. Klik hier